Een uitdaging van Allah

De Qoraa‚¬a„¢aan, het Woord van Allah (soebhanahoe wa ta´ala), is een ongeëvenaard Boek. Allah (soebhanahoe wa ta´ala) heeft iedereen uitgedaagd iets voort te brengen dat gelijk is aan de Qor´aan, wetende dat dit nooit het geval kan zijn. Deze uitdaging was gericht aan de meest briljante en welsprekende Arabische dichters in de tijd waarin de Qor´aan werd geopenbaard. Dit was tevens de tijd waarin de Arabische dichtkunst zijn hoogtepunt beleefde. Allah (soebhanahoe wa ta´ala) openbaarde: « Laten zij dan een bericht brengen dat daaraan gelijk is, als zij waarachtigen zijn. » (52:34)

Toen ze hiertoe niet in staat waren, daagde Allah (soebhanahoe wa ta´ala) hen uit om met tien soera´s te komen zoals de soera´s van de Qor´aan: « aa‚¬Â¦Zeg: aa‚¬Å“Brengt dan tien verzonnen hoofdstukken voort die daaraan gelijk zijn en roept op wie jullie kunnen, buiten Allah, als jullie waarachtigen zijn.aa‚¬? » (11:13)

Toen ze ook hiertoe niet in staat bleken, daagt Allah (soebhanahoe wa ta´ala) hen uit om dan één soera voort te brengen in dezelfde welsprekende stijl en met dezelfde wijsheid als de Qor´aan. Hij zei in de Qoraa‚¬a„¢aan: « Zeg: aa‚¬Å“Komt dan met een hoofdstuk dat daaraan gelijkwaardig is en roept aan wie jullie kunnen, buiten Allah, als jullie waarachtigen zijn.aa‚¬? » (10:38 )

Allah (soebhanahoe wa ta´ala) riep hen op om de hulp in te roepen van wie ze maar wilden en om de uitdaging te accepteren. Hij zei: « En als jullie in twijfel verkeren over wat Wij hebben neergezonden aan Onze dienaar, brengt dan een gelijkwaardige soera voort, en roept jullie getuigen buiten Allah op, als jullie waarachtigen zijn.aa‚¬? » (2:23)

Toen bleek dat ze er niet in zouden slagen, vertelde Allah (soebhanahoe wa ta´ala) hen dat ze er nooit toe in staat zouden zijn, ongeacht wiens hulp ze zouden inroepen: « Zeg: aa‚¬Å“Als de mensen en de djinns zich zouden verzamelen om het gelijke van deze Qor´aan te maken, dan kunnen zij niet met het daaraan gelijke komen, zelfs al zouden zij elkaar tot hulp zijn.aa‚¬? » (17:88 )

Er is niemand behalve Allah (soebhanahoe wa ta´ala) in staat iets dergelijks als de Qor´aan voort te brengen, want de Qor´aan is zoals Hij zegt: « aa‚¬Â¦ een Boek waarvan de Verzen hecht zij geplaatst en die vervolgens zijn uiteengezet, van de Zijde van de Alwijze, de Alwetende. » (11:1)

Toen enkele leugenaars toch probeerden om de Qor´aan na te maken, kwamen ze slechts met belachelijke onzin waar kinderen nog om zouden lachen, laat staan dat intelligente volwassenen er in zouden trappen. De leugenaar Moesailimah zei bijvoorbeeld: aa‚¬Å“O kikker, dochter van twee kikkers, kwaak zoveel je wilt. Jouw bovenlichaam is in het water en jouw onderlichaam in de modder.aa‚¬? Dit is een voorbeeld van de onzin van hem en anderen die beweerden profeten te zijn. (Zie Sayd al-Khaatir door Ibn Djauzi, p.404)

Sommige mensen laten zich misschien door leugens misleiden, vanwege hun onwetendheid en gebrek aan begrip van de grammatica en literaire stijlen van het Arabisch. Maar iedereen met gezond verstand en wat intelligentie moet toch in ieder geval in staat zijn het verschil te zien en begrijpen dat deze verzonnen woorden niet de Qor´aan kunnen zijn. Vaak zullen er uitingen van koefr (ongeloof) en tegenstrijdigheden met de Islaam in terug te vinden zijn. Allah (soebhanahoe wa ta´ala) sprak waarlijk de waarheid toen Hij zei: « Denken zij dan niet na over de Qor´aan? En wanneer (die) niet van Allah geweest was, dan zouden zij daarin veel tegenstrijdigs vinden. » (4:82)

Of er wordt geprobeerd om met een nagemaakte soera een bepaald gebod af te schaffen, zoals Allah (soebhanahoe wa ta´ala) met bepaalde ayaat ook eerdere geboden of verboden afschafte. De Enige Die kan afschaffen wat Hij wil van de Qor´aan is Degene Die hem geopenbaard heeft: « Allah wist uit wat Hij wil en vestigt (wat Hij wil) en bij Hem bevindt zich de Moeder der Boeken. » (13:39)

« Welk vers Wij ook afschaffen of doen vergeten; Wij brengen er iets beters voor in de plaats, of iets wat daaraan gelijk is. Weet jij niet dat Allah macht heeft over alle dingen? » (2:106)

Iemand die bewust probeert met de Woorden van Allah (soebhanahoe wa ta´ala) te rommelen, op hem is de volgende ayah van toepassing: « En voorwaar, onder hen is er een groep die de Schrift verdraait met hun tongen, opdat jij denkt dat dit bij de Schrift hoort, terwijl het niet bij de Schrift hoort. En zij zeggen: aa‚¬Å“Het komt van Allahaa‚¬?, terwijl het niet van Allah komt. En zij vertellen leugens over Allah, terwijl zij het weten. » (3:78 )

We vragen Allah (soebhanahoe wa ta´ala) om Zijn Dien en Zijn Boek te laten zegevieren en om Zijn vrienden overwinnaars te maken. En we vragen Hem om Zijn vijanden te verslaan en te vernederen en hun missie te laten mislukken. Allah´s Zegeningen zij met onze Profeet (sallallahoe ´aleihi wa sallem). Amien!